20 mei 2019

Verkeer naar je website herkennen in Google Analytics

#googleanalytics#verkeer#meten
Hans Reijnen
Hans Reijnen
Online Data Marketeer | Mijnwebwinkel

Als je met Google Analytics werkt heb je hopelijk al veel inzichten kunnen halen uit de data. Het kan echter zijn dat de gegevens niet bruikbaar zijn, omdat er dingen niet goed gemeten worden in Google Analytics. Wanneer iets verkeerd gemeten wordt, dan kun je daar niets mee. Vandaag help ik je om te zorgen dat al het verkeer naar je website op de juiste manier gemeten wordt en terug te vinden in is Google Analytics.

Tip: Lees eerst hoe je Google Analytics instelt in het blog Deel 1: Analytics instellen en hoe je informatie uit Google Analytics kunt halen in Deel 2: Analytics basics.

Google Analytics krijgt standaard informatie door wanneer iemand naar je website komt, zoals vanaf welke website de bezoeker komt. Aan de hand daarvan kan Google zelf al wat conclusies trekken. Zo weten ze dat iedereen die vanaf Facebook naar je website komt van een Social website komt. Deze bezoekers worden dan ook automatisch onder Social geschaard. Wanneer iemand vanaf Google komt, wordt diegene standaard onder Organisch verkeer ingedeeld. En daar zit ook meteen het gevaar als je adverteert binnen Google; wanneer je niet expliciet aangeeft dat iemand via jouw advertentie afkomstig is, dan zal Google hen onder Organisch indelen, dus ook je betaalde verkeer.

In het geval van Google Ads is dit makkelijk op te lossen door autotagging aan te zetten. Dit is een instelling in Google Ads waardoor er standaard ?glcid=xxxxxxx achter de url komt te staan wanneer iemand op je advertentie klikt. Hieruit kan Google Analytics precies herleiden waar de bezoeker vandaan komt.

Zo zet je autotagging aan:

In Google Ads

  1. Ga naar ‘Instellingen’ in het menu aan de linkerkant
  2. Ga naar ‘ ACCOUNTINSTELLINGEN’
  3. Zet ‘Autocodering’ op ‘Ja’

Voor alles buiten Google Ads bieden UTM parameters de uitkomst! Net als ?glcid=xxxxx zijn UTM parameters tagging die je achter de url zet om tegen Google Analytics te vertellen waar de bezoekers vandaan komen. Er zijn vijf verschillende parameters die je kunt gebruiken, waarvan utm_source en utm_medium altijd gebruikt moeten worden. De rest is optioneel. Wat ze precies inhouden komen daar kom ik zo op terug, eerst leg ik uit hoe je ze gebruikt.

Parameters staan altijd achter de url en achter een vraagteken. Staat er nog geen vraagteken, dan zet je deze voor de eerste parameter. Daarna begint alles met een &-teken. Er mag altijd maar één vraagteken in de url staan. Dat wil zeggen, staat er al een vraagteken, dan begin je ook de eerste parameter met een &-teken.

Dit mag dus niet: www.mijnwebwinkel.nl?page=1?utm_source=google

Dan wordt het: www.mijnwebwinkel.nl?page=1&utm_source=google

We starten met utm_source. Dit is om aan te geven wat de bron is van de bezoekers. Dus waar je bezoeker vandaan komt. Dit kan een website zijn zoals msn.com, een kanaal zoals Facebook, of een programma zoals MailChimp. Dit doe je door het volgende achter de url te zetten: ‘utm_source=facebook’.

www.mijnwebwinkel.nl?utm_source=facebook

Let op: gebruik altijd dezelfde schrijfwijze, anders gaat Google Analytics verschillende bronnen in de lijst weergeven. Dit geldt ook voor hoofdletters.

Zoals je kunt zien staat ook in deze URL eerst een ?. Zometeen als je de verplichte parameter utm_medium toevoegt komt het &-teken erbij.

utm_medium wordt gebruikt om het kanaal aan te geven. Google Analytics gebruikt hiervoor een vaste set kanalen. Het is daarom belangrijk om hier altijd hetzelfde in te vullen. UTM_medium voeg je aan bovenstaande toe door er ‘&utm_source=social’ achter te zetten.

www.mijnwebwinkel.nl?utm_source=facebook&utm_source=social

De meestgebruikte mediums vind je in onderstaande tabel:

Kanaal Beschrijving Medium
(parameter)
Social Links in social media posts social
E-mail Links in e-mails email
Affiliates Links via affiliate netwerken, zoals TradeTracker affiliate
Paid Search Gebruikers via betaalde zoekmachine advertenties cpc
Display Display en social advertenties display

 

utm_campaign kun je gebruiken om een campagnenaam mee te geven waaraan je de bezoekers kunt herkennen, zoals bijvoorbeeld ‘moederdag_2019’. We voegen de utm_campaign weer op dezelfde manier toe aan het voorbeeld.

www.mijnwebwinkel.nl?utm_source=facebook&utm_source=social  &utm_campaign=moederdag_2019

Je kunt dezelfde campagne op meerdere plekken gebruiken, zodoende kun je in een overzicht zien wat al je acties op social en andere plekken samen gedaan hebben voor Moederdag.

Mocht je meerdere advertenties hebben en wil je die van elkaar kunnen onderscheiden in Google Analytics, dan kun je utm_content gebruiken om verschillende namen mee te geven.

www.mijnwebwinkel.nl?utm_source=facebook&utm_source=social &utm_campaign=moederdag_2019&utm_content=advertentie1

Bij Google Ads wordt standaard met autotagging het zoekwoord meegegeven. Wordt dit niet automatisch gedaan dan moet je dat zelf doen met behulp van utm_term.

www.mijnwebwinkel.nl?utm_source=facebook&utm_source=social &utm_campaign=moederdag_2019&utm_content=advertentie1&utm_content=zoekwoord

Overigens zijn er ook veel advertentieplatformen die alle utm parameters automatisch toevoegen. Zoals bijvoorbeeld BingAds. Dit vind je vaak terug in de algemene account instellingen.
Google heeft ook een handige tool gebouwd om je te helpen de URL samen te stellen: de Campaign URL Builder.

Nu wordt alles netjes bijgehouden en is het ook wel handig om te weten waar we de informatie kunnen terug vinden. De makkelijkste weg is via 1 Acquisitie > 2 Alle verkeer > 3 Bron/medium.

Analytics 2

Daarnaast is het in veel rapporten mogelijk om via 4 primaire of  5 secundaire dimensies voor een van de UTM parameters te kiezen.

Inspiratie en tips. Maandelijks in je mailbox.